Verkiezingen, voedselprijzen en de toekomst van het winkelmandje
Ah, verkiezingstijd. Overal zie je campagnestickers, debatten vol onderbrekingen en kandidaten die ineens dol zijn op markten. En tussen al dat geroep over zorg, klimaat en wonen duikt er één onderwerp verrassend vaak op: de supermarkt.
Niet zo gek. Supermarkten zitten letterlijk tussen producent en consument in. Ze bepalen wat we eten, wat het kost, en of die groentelasagne straks naast de frikandelbroodjes ligt. Maar wat willen politieke partijen nou eigenlijk met supermarkten in 2025? En wat betekent dat voor jou als je werkt in FMCG of logistiek?
Prijsbewust versus prijspingpong
Sinds de inflatiepiek zijn we collectief nóg prijsgevoeliger geworden. Politieke partijen voelen dat. In meerdere verkiezingsprogramma’s zie je ideeën opduiken over eerlijkere prijzen, transparantie in marges en zelfs ingrepen als supermarkten te veel winst zouden maken op basisingrediënten.
Sommige partijen willen wettelijke maximumprijzen voor eerste levensbehoeften, anderen pleiten voor overlegmodellen tussen ketenpartners. Hoe dan ook: de tijd dat de winkelprijs ‘gewoon marketing’ was, lijkt voorbij.
Werk je in FMCG of verkoop je aan retailers? Dan wordt het steeds belangrijker om met duidelijke kostprijzen, onderbouwingen en margestructuren te komen. Geen nattevingerprijs meer – maar data, en het liefst een verhaal erbij.
Supermarkten als gezondheidscoach
Er hangt ook een frisse wind door de schappen als het gaat om gezondheid. Vrijwel alle partijen benoemen dat supermarkten een rol spelen in de volksgezondheid. En die rol zou, als het aan veel politici ligt, best iets actiever mogen.
Wat je dan kunt verwachten? Denk aan beperkingen op aanbiedingen van frisdrank of snacks, minder prominente plaatsing van ongezonde producten en een btw-verlaging op groente en fruit (al horen we die belofte al een paar verkiezingen lang).
Voor marketeers in FMCG betekent dit: laat maar komen, die gezonde innovaties. En leer ze net zo aantrekkelijk te verpakken als je guilty pleasures.
Duurzaamheid moet, maar dan wel écht
Natuurlijk staat duurzaamheid weer op de agenda, maar in deze verkiezingen iets concreter dan voorheen. Supermarkten worden steeds meer gezien als hefboom voor verandering: wat er wel of niet op het schap ligt, heeft direct invloed op wat we als land consumeren.
Politieke partijen willen minder verspilling, meer plantaardige keuzes, duurzamere verpakkingen en vaker lokale producten. Sommige partijen noemen zelfs wettelijke normen voor herkomst, energiegebruik of verspilling bij retailers.
Voor jou als leverancier of transporteur betekent dat: nóg beter nadenken over je footprint. En als je duurzaam bezig bent: toon het. Transparant en onderbouwd. De tijd van vage ‘groene claims’ is wel een beetje voorbij.
De supermarkt mag wel wat minder dominant
Er klinkt ook iets nieuws: partijen die zich zorgen maken over de dominantie van grote supermarktketens. Niet alleen vanwege de macht in prijsonderhandelingen, maar ook omdat kleinere verswinkels en speciaalzaken het steeds lastiger krijgen.
In sommige programma’s zie je voorstellen langskomen om lokale ondernemers fiscaal te steunen, megasupermarkten buiten stadscentra te houden of inkoopmacht scherper te reguleren.
Of dat allemaal doorgaat? Geen idee. Maar het is wel een signaal: de vrije markt in de supermarktwereld is minder vanzelfsprekend geworden.
Afval: minder, en als het moet, verplicht
Verspilling is een blijvend hot topic. Veel partijen willen dat supermarkten voedsel dat ze niet meer verkopen, doneren aan voedselbanken of sociale initiatieven. Liefst vrijwillig, maar anders desnoods met een wettelijke plicht.
Ook op verpakkingen komt meer druk. Minder plastic, meer herbruikbaar, en als het even kan, circulair. Die eisen landen uiteindelijk niet alleen bij de supermarkt, maar ook bij jou als producent of leverancier.
Met andere woorden: als je verpakking slimmer, lichter of herbruikbaarder kan, ga er dan maar vast mee aan de slag.
En jij dan, als FMCG’er of logistiek partner?
Verwacht geen revolutie op dag één na de verkiezingen, maar onderschat de impact van dit soort plannen niet. Alles wat nu in de schappen ligt, wordt de komende jaren beïnvloed door dit politieke klimaat.
Je hoeft echt geen verkiezingsprogramma’s uit je hoofd te leren, maar het is wel slim om alert te zijn. Wat vandaag een ideetje lijkt, kan morgen zomaar beleid zijn, en invloed hebben op je assortimentskeuze, je prijsstelling of je duurzaamheidsstrategie.
En je team? Dat moet mee kunnen bewegen
Als de regels veranderen, moet je team dat ook kunnen. Je wil mensen die niet alleen uitvoeren, maar meedenken. Mensen die begrijpen waarom er ineens gedoe is over btw op fruit, of waarom een klant per se een COâ‚‚-footprint op het etiket wil.
Denk aan:
– Logistiek planners die kunnen schakelen met kortere ketens
– Trade marketeers die gezondheid en duurzaamheid weten te combineren
– KAM-managers die wetgeving vertalen naar haalbare actie
– En ja, misschien zelfs een duurzaamheidspecialist die écht weet wat ‘netto zero’ betekent