Je loopt de supermarkt binnen, pakt een tros bananen, een pak yoghurt en vooruit, die zak chips mag ook mee. Grote kans dat je niet denkt: wat een logistiek hoogstandje is dit eigenlijk.
Toch is dat het wel. Achter die goed gevulde schappen zit een behoorlijk strak georganiseerd systeem. Nederlandse supermarkten worden soms meerdere keren per dag bevoorraad en producten gaan razendsnel van distributiecentrum naar winkel. Handig, efficiƫnt en normaal gesproken vooral heel onzichtbaar.
Totdat er iets misgaat. Want wat gebeurt er met onze supermarkt logistiek als de stroom langdurig uitvalt? Als extreem weer vrachtwagens tegenhoudt? Of als digitale systemen er ineens mee stoppen?
Instituut Clingendael waarschuwt dat Nederlandse supermarkten in zo’n crisissituatie kwetsbaar kunnen zijn. Tegelijkertijd werken supermarkten en de overheid al aan plannen om de voedselvoorziening weerbaarder te maken. Dus nee, we hoeven niet massaal blikken bonen in de schuur te stapelen. Maar het is wĆ©l interessant om eens te kijken wat er achter die volle schappen gebeurt.
Dit zijn zes dingen die je moet weten.
1. Onze supermarkt logistiek is juist hƩƩl efficiƫnt
Laten we beginnen met wat er goed gaat. Want dat is nogal wat. Nederland is ontzettend goed in logistiek. Supermarkten werken grotendeels volgens het just-in-time-principe. Producten worden aangevoerd wanneer ze nodig zijn, in plaats van wekenlang ergens in een magazijn te staan wachten.
Dat levert behoorlijk wat voordelen op:
- Verse producten liggen sneller in de winkel
- Er is minder opslagruimte nodig
- Voedselverspilling kan worden beperkt
- Opslagkosten blijven lager
- Producten bewegen snel door de keten
Volgens branchevereniging CBL worden supermarkten gemiddeld zelfs twee tot drie keer per dag beleverd, afhankelijk van onder andere de locatie en beschikbare magazijnruimte.
Die avocado heeft waarschijnlijk een strakkere planning dan menig gemiddelde werkweek.
2. Super efficiƫnt betekent ook: weinig speling
En daar zit meteen de andere kant van het verhaal. Een systeem met weinig overtollige voorraad werkt fantastisch zolang alles doet wat het moet doen. Vrachtwagen rijdt, distributiecentrum draait, stroom doet het en systemen werken. Iedereen blij.
Maar valt er een belangrijke schakel langere tijd weg, dan is er relatief weinig ruimte om dat op te vangen. Volgens het CBL ligt de gemiddelde voorraad van verse producten rond de drie dagen. Voor houdbare producten gaat het doorgaans om ongeveer een week. In de praktijk kan dat soms zelfs minder zijn.
Een vrachtwagen die een paar uur later arriveert? Daar ligt niemand wakker van. Een langdurige stroomuitval, cyberaanval of overstroming? Dan wordt het een ander verhaal.
3. Supermarkt Logistiek tijdens een crisis is meer dan een magazijn vol pasta
De voor de hand liggende oplossing lijkt simpel: leg gewoon meer voorraad aan. Extra pasta, rijst, blikken soep. Klaar.
Nou, niet helemaal.
Supermarkt Logistiek tijdens een crisis draait namelijk om veel meer dan de hoeveelheid producten die ergens op een pallet staat. Je hebt elektriciteit nodig voor distributiecentra en koelingen, digitale systemen voor voorraadbeheer en bestellingen, brandstof voor vrachtwagens, bereikbare wegen en werkend betalingsverkeer.
En dan moet de supermarkt zelf natuurlijk ook nog bereikbaar en operationeel zijn. Bij een overstroming heb je weinig aan een winkel vol eten als niemand er kan komen. En bij een langdurige stroomstoring worden koelingen, kassasystemen en andere voorzieningen ineens een stuk minder vanzelfsprekend.
Voedselzekerheid is dus geen kwestie van simpelweg meer voorraad. Het is een behoorlijk grote logistieke puzzel. En eentje waarvan je liever niet tijdens een crisis ontdekt dat er drie stukjes ontbreken.
4. En dan gaan wij mensen ook nog hamsteren
Over logistieke planning gesproken: toiletpapier. We hoeven waarschijnlijk niet verder uit te leggen welke periode we bedoelen.
Tijdens de corona pandemie zagen we hoe snel consumentengedrag een toch al bijzondere situatie nog wat bijzonderder kan maken. Mensen verwachten een tekort, kopen daarom meer dan normaal en zorgen er vervolgens mede voor dat het schap daadwerkelijk leeg raakt.
Een soort self fulfilling prophecy, maar dan met wc rollen.
Voor supermarkt logistiek is zo’n plotselinge piek lastig. De hele keten is ingericht op een redelijk voorspelbare vraag. Als iedereen ineens drie keer zoveel koopt, kan zelfs een goed geoliede machine gaan haperen.
En een leeg schap doet vervolgens weer iets met de volgende klant: Zie je wel. Ik moet er ook zes meenemen. Voor je het weet is de cirkel rond.
5. Andere landen pakken het anders aan
Nederland is natuurlijk niet het enige land dat hierover nadenkt. RTL Nieuws keek bijvoorbeeld naar Estland. Daar zijn supermarkten verder met maatregelen zoals strategische voorraden en noodstroomvoorzieningen.
Klinkt logisch. Waarom doen wij dat dan niet gewoon ook?
Omdat iedere oplossing weer een nieuwe puzzel oplevert. Meer voorraad betekent meer opslagruimte en hogere kosten. Bij verse producten kan het bovendien voor extra verspilling zorgen. En uiteindelijk kunnen maatregelen ook invloed hebben op wat we voor onze boodschappen betalen.
Het is dus niet simpelweg efficiƫnt = slecht en grote voorraad = goed. De interessante vraag zit precies ertussenin: hoe houd je een logistieke keten snel en betaalbaar, maar zorg je tegelijkertijd dat die tegen een stootje kan als er iets onverwachts gebeurt?
Dat is een stuk ingewikkelder dan een extra magazijn neerzetten en volgooien met houdbare melk.
6. De supermarkt logistiek wordt al voorbereid op nieuwe risico’s
Gelukkig zitten supermarkten ondertussen niet met de armen over elkaar te wachten op de volgende crisis. De supermarktbranche en de overheid werken aan plannen om de voedselvoorziening tijdens verstoringen beter te beschermen. Daarbij wordt gekeken naar risico’s en naar manieren waarop supermarkten kunnen blijven functioneren als delen van de normale keten uitvallen.
En daar zijn de afgelopen jaren genoeg lessen voor geweest. Corona, de oorlog in Oekraïne, problemen met drinkwater en extreem weer: allemaal heel verschillende situaties, maar ze maken hetzelfde duidelijk. Leveringszekerheid wordt minstens zo belangrijk als efficiëntie.
Ook de NCTV waarschuwt al langer voor risico’s rond vitale infrastructuur. Denk aan elektriciteit, internet, drinkwater en betalingsverkeer.
Voor professionals in supply chain en logistiek verandert daarmee ook de uitdaging. Het gaat niet meer alleen om: hoe krijgen we product X zo efficiƫnt mogelijk van A naar B? Maar steeds vaker ook om: wat is plan B als A of B morgen even niet meewerkt?
Van zo efficiƫnt mogelijk naar slim voorbereid
De Nederlandse supermarkt logistiek is dus niet kwetsbaar omdat we er slecht in zijn. Juist niet. We hebben een systeem gebouwd dat ontzettend goed is in snel, efficiƫnt en met relatief weinig voorraad werken. Daardoor blijven producten vers, wordt verspilling beperkt en kunnen kosten lager blijven.
Alleen vraagt een veranderende wereld om iets extra’s: niet alleen efficiĆ«ntie, maar ook weerbaarheid.
Meer voorraad aanleggen klinkt simpel, maar kost geld en kan verspilling veroorzaken. Alles zo strak mogelijk blijven plannen is efficiƫnt, maar geeft minder speelruimte wanneer er echt iets misgaat. De kunst zit dus ergens in het midden.
En misschien is dÔt wel de interessantste logistieke uitdaging voor de komende jaren: zorgen dat die banaan, dat pak yoghurt en vooruit, die zak chips gewoon in het schap liggen wanneer alles volgens planning verloopt. Maar óók wanneer de planning zelf even zoek is.

